bezorgd in woordenboek Nederlands

  • bezorgd

    Betekenissen en definities van "bezorgd"

    • met zorgen beladen
    • Bezorgheid of ongerustheid voelen of tonen.

    Grammatica en verbuiging van bezorgd

    • (Adjective) Declension of bezorgd
      positive comparative superlative
      attributive predicative/adverbial
      predicative/adverbial bezorgd bezorgder  
      neutersingular indefinite bezorgd bezorgder
      definite bezorgde bezorgdere bezorgdste het bezorgdst(e)
      common singular bezorgde bezorgdere bezorgdste de bezorgdste
      plural bezorgde bezorgdere bezorgdste de bezorgdste
      partitive bezorgds bezorgders  
    • bezorgd ( comparative bezorgder, superlative bezorgdst)
    • bezorgd (comparative bezorgder, superlative bezorgdst) ;;
      Inflection of bezorgd
      uninflected bezorgd
      inflected bezorgde
      comparative bezorgder
      positive comparative superlative
      predicative/adverbial bezorgd bezorgder het bezorgdst
      het bezorgdste
      indefinite m./f. sing. bezorgde bezorgdere bezorgdste
      n. sing. bezorgd bezorgder bezorgdste
      plural bezorgde bezorgdere bezorgdste
      definite bezorgde bezorgdere bezorgdste
      partitive bezorgds bezorgders
    • Inflection of bezorgd
      uninflected bezorgd
      inflected bezorgde
      comparative
      positive
      predicative/adverbial bezorgd
      indefinite m./f. sing. bezorgde
      n. sing. bezorgd
      plural bezorgde
      definite bezorgde
      partitive bezorgds
      chr:bezorgd

Voorbeeldzinnen met " bezorgd "