waardeloos in woordenboek Nederlands

  • waardeloos

    Betekenissen en definities van "waardeloos"

    Grammatica en verbuiging van waardeloos

    • (Adjective) Declension of waardeloos
      positive comparative superlative
      attributive predicative/adverbial
      predicative/adverbial waardeloos waardelozer  
      neutersingular indefinite waardeloos waardelozer
      definite waardeloze waardelozere waardelooste het waardeloost(e)
      common singular waardeloze waardelozere waardelooste de waardelooste
      plural waardeloze waardelozere waardelooste de waardelooste
      partitive waardeloos waardelozers  
    • waardeloos ( comparative waardelozer, superlative waardeloost)
    • waardeloos (comparative waardelozer, superlative meest waardeloos or waardeloost) ;;
      Inflection of waardeloos
      uninflected waardeloos
      inflected waardeloze
      comparative waardelozer
      positive comparative superlative
      predicative/adverbial waardeloos waardelozer het waardeloost
      het waardelooste
      indefinite m./f. sing. waardeloze waardelozere waardelooste
      n. sing. waardeloos waardelozer waardelooste
      plural waardeloze waardelozere waardelooste
      definite waardeloze waardelozere waardelooste
      partitive waardeloos waardelozers

Voorbeeldzinnen met " waardeloos "