stagneren in woordenboek Nederlands

  • stagneren

    Betekenissen en definities van "stagneren"

    Grammatica en verbuiging van stagneren

    • stagneren (weak in -d)
    • (Verb) Conjugation of stagneren
      infinitive stagneren
      present tense past tense
      1st person singular stagneer stagneerde
      2nd person singular stagneert stagneerde
      3rd person singular stagneert stagneerde
      plural stagneren stagneerden
      subjunctive sing.1 stagnere stagneerde
      subjunctive plur.1 stagneren stagneerden
      imperative sing. stagneer
      imperative plur.1 stagneert
      participles stagnerend (hebben) gestagneerd
      1) Archaic.
    • Inflection of stagneren (weak)
      infinitive stagneren
      past singular stagneerde
      past participle gestagneerd
      infinitive stagneren
      gerund stagneren n
      verbal noun
      present tense past tense
      1st person singular stagneer stagneerde
      2nd person sing. (jij) stagneert stagneerde
      2nd person sing. (u) stagneert stagneerde
      2nd person sing. (gij) stagneert stagneerde
      3rd person singular stagneert stagneerde
      plural stagneren stagneerden
      subjunctive sing.1 stagnere stagneerde
      subjunctive plur.1 stagneren stagneerden
      imperative sing. stagneer
      imperative plur.1 stagneert
      participles stagnerend gestagneerd
      1) Archaic.

Voorbeeldzinnen met " stagneren "