rennen in woordenboek Nederlands

  • rennen

    Betekenissen en definities van "rennen"

    • zeer snel lopen
    • De beweging van lopen, beweging van degene die loopt.
    • Snel bewegen door afwisselend met beide voeten een sprong te maken.

    Grammatica en verbuiging van rennen

    • (Verb) Conjugation of rennen
      infinitive rennen
      present tense past tense
      1st person singular ren rende
      2nd person singular rent rende
      3rd person singular rent rende
      plural rennen renden
      subjunctive sing.1 renne rende
      subjunctive plur.1 rennen renden
      imperative sing. ren
      imperative plur.1 rent
      participles rennend (hebben/zijn) gerend
      1) Archaic.
    • (Verb) Conjugation of rennen
      infinitive rennen
      present tense past tense
      1st person singular ren rende
      2nd person singular rent rende
      3rd person singular rent rende
      plural rennen renden
      subjunctive sing.1 renne rende
      subjunctive plur.1 rennen renden
      imperative sing. ren
      imperative plur.1 rent
      participles rennend (hebben) gerend
      1) Archaic.
    • rennen (weak in -d)
    • Inflection of rennen (weak)
      infinitive rennen
      past singular rende
      past participle gerend
      infinitive rennen
      gerund rennen n
      verbal noun
      present tense past tense
      1st person singular ren rende
      2nd person sing. (jij) rent rende
      2nd person sing. (u) rent rende
      2nd person sing. (gij) rent rende
      3rd person singular rent rende
      plural rennen renden
      subjunctive sing.1 renne rende
      subjunctive plur.1 rennen renden
      imperative sing. ren
      imperative plur.1 rent
      participles rennend gerend
      1) Archaic.

Voorbeeldzinnen met " rennen "

Beschikbare vertalingen