onmisbaar in woordenboek Nederlands

  • onmisbaar

    Betekenissen en definities van "onmisbaar"

    • Onmisbaar voor een doel of reden.

    Grammatica en verbuiging van onmisbaar

    • (Adjective) Declension of onmisbaar
      positive comparative superlative
      attributive predicative/adverbial
      predicative/adverbial onmisbaar onmisbaarder  
      neutersingular indefinite onmisbaar onmisbaarder
      definite onmisbare onmisbaardere onmisbaarste het onmisbaarst(e)
      common singular onmisbare onmisbaardere onmisbaarste de onmisbaarste
      plural onmisbare onmisbaardere onmisbaarste de onmisbaarste
      partitive onmisbaars onmisbaarders  
    • onmisbaar ( comparative onmisbaarder, superlative onmisbaarst)
    • onmisbaar (comparative onmisbaarder, superlative onmisbaarst) ;;
      Inflection of onmisbaar
      uninflected onmisbaar
      inflected onmisbare
      comparative onmisbaarder
      positive comparative superlative
      predicative/adverbial onmisbaar onmisbaarder het onmisbaarst
      het onmisbaarste
      indefinite m./f. sing. onmisbare onmisbaardere onmisbaarste
      n. sing. onmisbaar onmisbaarder onmisbaarste
      plural onmisbare onmisbaardere onmisbaarste
      definite onmisbare onmisbaardere onmisbaarste
      partitive onmisbaars onmisbaarders

Voorbeeldzinnen met " onmisbaar "