doorgaan in woordenboek Nederlands

  • doorgaan

    Betekenissen en definities van "doorgaan"

    • niet stoppen
    • Een handeling zonder onderbreking voortzetten.
    • Een eerder beëindige handeling voortzetten.

    Grammatica en verbuiging van doorgaan

    • doorgaan (irregular, separable)
    • (Verb) Conjugation of doorgaan
      infinitive doorgaan
      main clause subordinate clause
      present tense past tense present tense past tense
      1st person singular ga door ging door doorga doorging
      2nd person sing. (jij/u) gaat door ging door doorgaat doorging<tr style="background: #F2F2FF;"> 2nd person sing. (gij) gaat door gingt door doorgaat doorgingt
      3rd person singular gaat door ging door doorgaat doorging
      plural gaan door gingen door doorgaan doorgingen
      subjunctive sing.1 ga door ginge door doorga doorginge
      subjunctive plur.1 gaan door gingen door doorgaan doorgingen
      imperative sing. ga door
      imperative plur.1 gaat door
      participles doorgaand (zijn) doorgegaan
      1) Archaic.
    • Inflection of doorgaan (strong class 7, irregular, separable)
      infinitive doorgaan
      past singular ging door
      past participle doorgegaan
      infinitive doorgaan
      gerund doorgaan n
      verbal noun
      main clause subordinate clause
      present tense past tense present tense past tense
      1st person singular ga door ging door doorga doorging
      2nd person sing. (jij) gaat door ging door doorgaat doorging
      2nd person sing. (u) gaat door ging door doorgaat doorging
      2nd person sing. (gij) gaat door gingt door doorgaat doorgingt
      3rd person singular gaat door ging door doorgaat doorging
      plural gaan door gingen door doorgaan doorgingen
      subjunctive sing.1 ga door ginge door doorga doorginge
      subjunctive plur.1 gaan door gingen door doorgaan doorgingen
      imperative sing. ga door
      imperative plur.1 gaat door
      participles doorgaand doorgegaan
      1) Archaic.

Voorbeeldzinnen met " doorgaan "