documenteren in woordenboek Nederlands documenteren Betekenissen en definities van "documenteren" onderbouwen, staven Opnemen in documenten. meer Grammatica en verbuiging van documenteren (Verb) Conjugation of documenteren infinitive documenteren present tense past tense 1st person singular documenteer documenteerde 2nd person singular documenteert documenteerde 3rd person singular documenteert documenteerde plural documenteren documenteerden subjunctive sing.1 documentere documenteerde subjunctive plur.1 documenteren documenteerden imperative sing. documenteer imperative plur.1 documenteert participles documenterend (hebben) gedocumenteerd 1) Archaic. documenteren (weak in -d) Inflection of documenteren (weak) infinitive documenteren past singular documenteerde past participle gedocumenteerd infinitive documenteren gerund documenteren n verbal noun — present tense past tense 1st person singular documenteer documenteerde 2nd person sing. (jij) documenteert documenteerde 2nd person sing. (u) documenteert documenteerde 2nd person sing. (gij) documenteert documenteerde 3rd person singular documenteert documenteerde plural documenteren documenteerden subjunctive sing.1 documentere documenteerde subjunctive plur.1 documenteren documenteerden imperative sing. documenteer imperative plur.1 documenteert participles documenterend gedocumenteerd 1) Archaic. meer Voorbeeldzinnen met " documenteren " Verbuiging Verbuig Probeer opnieuw Beschikbare vertalingen Bretons Bulgaars Catalaans Deens Duits Eastern Yiddish Engels Esperanto Fins Frans Georgisch Grieks Hebreeuws Italiaans Malagassisch Maori Pools Portugees Roemeens Spaans Tsjechisch Turks Zweeds Auteurs