condenseren in woordenboek Nederlands condenseren Betekenissen en definities van "condenseren" overgaan van gasvormige naar vloeibare toestand Zich richten op een uniek geheel. meer Grammatica en verbuiging van condenseren (Verb) Conjugation of condenseren infinitive condenseren present tense past tense 1st person singular condenseer condenseerde 2nd person singular condenseert condenseerde 3rd person singular condenseert condenseerde plural condenseren condenseerden subjunctive sing.1 condensere condenseerde subjunctive plur.1 condenseren condenseerden imperative sing. condenseer imperative plur.1 condenseert participles condenserend (hebben) gecondenseerd 1) Archaic. condenseren (weak in -d) Inflection of condenseren (weak) infinitive condenseren past singular condenseerde past participle gecondenseerd infinitive condenseren gerund condenseren n verbal noun — present tense past tense 1st person singular condenseer condenseerde 2nd person sing. (jij) condenseert condenseerde 2nd person sing. (u) condenseert condenseerde 2nd person sing. (gij) condenseert condenseerde 3rd person singular condenseert condenseerde plural condenseren condenseerden subjunctive sing.1 condensere condenseerde subjunctive plur.1 condenseren condenseerden imperative sing. condenseer imperative plur.1 condenseert participles condenserend gecondenseerd 1) Archaic. meer Voorbeeldzinnen met " condenseren " Verbuiging Verbuig Probeer opnieuw Beschikbare vertalingen Arabisch Bretons Bulgaars Duits Engels Esperanto Fins Frans Iers Interlingua Italiaans Japans Maori Perzisch Pools Portugees Russisch Spaans Zweeds Auteurs