bit in woordenboek Nederlands

  • bit

    Betekenissen en definities van "bit"

    • een metalen staaf die een paard in de bek gedaan wordt om het dier berijdbaar te maken.
    • in de informatica en de computertechnologie de kleinste eenheid van informatie.
    • Mondstuk waaraan de teugels bevestigd zijn om een paard te leiden.
    • Een maateenheid voor informatie; de hoeveelheid informatie in een systeem die twee mogelijke posities kent.

    Grammatica en verbuiging van bit

    • bit n. ( plural bitten, diminutive bitje, diminutive plural bitjes)
    • bit m. ( plural bits, diminutive bitje, diminutive plural bitjes)
    • bit m (plural bits, diminutive bitje n)
    • bit n (plural bitten, diminutive bitje n)
  • Bit

Voorbeeldzinnen met " bit "