Vertaling van "sparing" naar Nederlands
spaarzaam, karig, zuinig zijn de beste vertalingen van "sparing" in Nederlands.
sparing
adjective
verb
grammatica
prudent and restrained in the use of resources; careful, economical or frugal [..]
-
spaarzaam
adverbAnyone who knows me will be aware that I am normally very sparing with praise and thanks.
Mensen die mij kennen, weten dat ik zeer spaarzaam ben met lovende woorden en dankbetuigingen.
-
karig
adjectiveThe commanding officer, a captain, then imposed on us the loss of privileges, solitary confinement, and a spare diet.”
De commandant, een kapitein, strafte ons toen met het verlies van privileges, eenzame opsluiting en een karig rantsoen.”
-
zuinig
adjectiveBe sparing with it, it has to last all winter.
Wees zuinig om de winter door te komen.
-
Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen
Automatische vertalingen van "sparing" in Nederlands
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Zinnen vergelijkbaar met "sparing" met vertalingen in Nederlands
-
aanbotsen · aandoen · aandraaien · aangeven · aanreiken · aansteken · afstaan · bejammeren · berouw hebben van · besparen · betreuren · bewenen · bezuinigen · doneren · doorbrengen · dun · extra · geduwd worden · geven · het jammer vinden van · inschakelen · mager · missen · ontzien · opbrengen · reserve · reservedeel · schakelen · schenken · schraal · sparen · spijt hebben van · toebrengen · toegeeflijk zijn voor · toekennen · uitgaan · uitkomen · uitlopen · uitsparen · uitstappen · uitstijgen · uittreden · uitwinnen · uitzuinigen · verdrijven · vergeven · verlenen · verschonen · vervangingsdeel · zich laten vermurwen · zich stoten · zuinig
-
reservesleutel
-
besparen · bezuinigen · missen · ontzien · sparen
-
reserveband · reservewiel · wisselwiel
-
Reservewiel · reservewiel · wisselwiel
-
afmonstering · congé · ontslag · vakantie · verlof · vrije tijd · vrijetijd
-
gespaard
-
sparen
Voorbeeld toevoegen
Toevoegen