Vertaling van "abased" naar Nederlands
verlaagd, gekleineerd, vernederd zijn de beste vertalingen van "abased" in Nederlands.
abased
adjective
verb
grammatica
Simple past tense and past participle of abase. [..]
-
verlaagd
particlehumbled
You abased yourself for a stupid lie!
Je hebt jezelf verlaagd voor een stomme leugen!
-
gekleineerd
particlehumbled
-
vernederd
particlehumbled
Zeus would not abase his true son before his enemies.
Zeus zou z'n zoon nooit vernederen bij z'n vijanden.
-
Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen
Automatische vertalingen van "abased" in Nederlands
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Zinnen vergelijkbaar met "abased" met vertalingen in Nederlands
-
afbreken · afdraaien · afgeven op · afhakken · afhouwen · afkammen · afkappen · aflaten · afleggen · aflopen · afslachten · bedaren · bevangen · de moed ontnemen · degraderen · delven · deprimeren · doden · doodmaken · doodschieten · doorgaan · een streep trekken · fnuiken · fusilleren · gaan door · geruststellen · herleiden · in discrediet brengen · inkorten · inkrimpen · kalmeren · kappen · kleineren · kleinmaken · laten zakken · neerdrukken · neerhalen · neerkomen · neerlaten · neerslachtig maken · neervellen · ombrengen · omhakken · omkappen · ontmoedigen · opduikelen · opgraven · overwinnen · putten uit · reduceren · rooien · ruïneren · slachten · slopen · strijken · te gronde richten · ten val brengen · terneerdrukken · trekken · uitgraven · uitputten · vellen · verachten · verderven · vereenvoudigen · verlagen · verminderen · vernederen · verootmoedigen · verslaan · verzwakken · winnen · wippen · zegevieren · zetten
-
door abasie
-
achteruitgang · besnoeiing · daling · debâcle · degeneratie · degradatie · kleinering · krenking · ondergang · ontaarding · rampspoed · tegenspoed · val · verachting · verflauwing · verlaging · vermindering · vernedering · verootmoediging · verval · verwording · verzakking · zelfvernedering
-
zich vernederen
-
afbreken · afdraaien · afgeven op · afhakken · afhouwen · afkammen · afkappen · aflaten · afleggen · aflopen · afslachten · bedaren · bevangen · de moed ontnemen · degraderen · delven · deprimeren · doden · doodmaken · doodschieten · doorgaan · een streep trekken · fnuiken · fusilleren · gaan door · geruststellen · herleiden · in discrediet brengen · inkorten · inkrimpen · kalmeren · kappen · kleineren · kleinmaken · laten zakken · neerdrukken · neerhalen · neerkomen · neerlaten · neerslachtig maken · neervellen · ombrengen · omhakken · omkappen · ontmoedigen · opduikelen · opgraven · overwinnen · putten uit · reduceren · rooien · ruïneren · slachten · slopen · strijken · te gronde richten · ten val brengen · terneerdrukken · trekken · uitgraven · uitputten · vellen · verachten · verderven · vereenvoudigen · verlagen · verminderen · vernederen · verootmoedigen · verslaan · verzwakken · winnen · wippen · zegevieren · zetten
Voorbeeld toevoegen
Toevoegen