Vertaling van "chef" naar Nederlands

baas, chef, hoofd zijn de beste vertalingen van "chef" in Nederlands.

chef noun common grammatica
+ Toevoegen

Zweeds - Nederlands woordenboek

  • baas

    noun masculine

    overste, leider, chef

    Jag frågar min chef om jag får ta rast.

    Ik vraag mijn baas wel of ik even met pauze mag.

  • chef

    noun masculine

    de baas, iemand die de leiding heeft

    På grund av min ovanliga begäran blev mina kolleger och min chef nyfikna.

    Vanwege mijn ongewone verzoek waren mijn collega’s en mijn chef heel nieuwsgierig.

  • hoofd

    noun neuter

    Den som leder riskhanteringsfunktionen ska vara en oberoende högre chef med särskilt ansvar för riskhanteringsfunktionen.

    Het hoofd van de risicobeheerfunctie is een onafhankelijk directielid met afzonderlijke verantwoordelijkheid voor de risicobeheerfunctie.

  • Minder frequente vertalingen

    • bazin
    • aanvoerder
    • leider
    • cheffin
    • opzichter
    • opperhoofd
    • leidster
    • chefkok
    • directeur
    • bestuurder
    • beheerder
    • regisseur
    • supervisor
    • hoofdman
    • schildhoofd
    • stamhoofd
    • leidinggevend personeel
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "chef" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Zinnen vergelijkbaar met "chef" met vertalingen in Nederlands

Toevoegen

Vertalingen van "chef" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen