Vertaling van "weekend" naar Nederlands
weekend, weekeinde, Weekeinde zijn de beste vertalingen van "weekend" in Nederlands.
weekend
noun
masculine
grammatica
sobota i niedziela, także piątek wieczorem, dosł. koniec tygodnia
-
weekend
noun neuterde periode van vrijdagavond tot en met zondagnacht
Nie poszedłem z Tomem na ryby w zeszły weekend.
Ik ben vorig weekend niet met Tom wezen vissen.
-
weekeinde
noun neuterPo cięciach w budżecie federalnym, stanowym i miejskim, obsługa parku może działać tylko w weekendy.
Na landelijke en gemeentelijke bezuinigingen kan de parkdienst alleen nog in de weekeinden operabel zijn.
-
Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen
Automatische vertalingen van "weekend" in Nederlands
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Vertalingen met alternatieve spelling
Weekend
-
Weekeinde
Weekendy i wakacje, człowieku.
Weekeindes en vakanties, man.
Zinnen vergelijkbaar met "weekend" met vertalingen in Nederlands
-
Weekendregel
-
A Weekend In The City
-
lang weekeinde
Voorbeeld toevoegen
Toevoegen