koers in woordenboek Nederlands

  • koers

    Betekenissen en definities van "koers"

    • De voorziene route van een reis.
    • Iedere sportieve proef waar snelheid op het spel staat.

    Grammatica en verbuiging van koers

    • koers f.
    • koers m. ( plural koersen)
    • koers f
    • koers m (plural koersen, diminutive koersje n)

Voorbeeldzinnen met " koers "