gebruikelijk in woordenboek Nederlands

  • gebruikelijk

    Betekenissen en definities van "gebruikelijk"

    • naar gewoonte, zoals men regelmatig doet
    • Dat wat het meest algemeen voorkomt.
    • Dat is een gewoonte geworden.
    • In een typische situatie.
    • Zoals men iets gewoonlijk doet.
    • Volgens of afhankelijk van de gewoonte.

    Grammatica en verbuiging van gebruikelijk

    • (Adjective) Declension of gebruikelijk
      positive comparative superlative
      attributive predicative/adverbial
      predicative/adverbial gebruikelijk gebruikelijker  
      neutersingular indefinite gebruikelijk gebruikelijker
      definite gebruikelijke gebruikelijkere gebruikelijkste het gebruikelijkst(e)
      common singular gebruikelijke gebruikelijkere gebruikelijkste de gebruikelijkste
      plural gebruikelijke gebruikelijkere gebruikelijkste de gebruikelijkste
      partitive gebruikelijks gebruikelijkers  
    • gebruikelijk ( comparative gebruikelijker, superlative gebruikelijkst)
    • gebruikelijk (comparative gebruikelijker, superlative gebruikelijkst) ;;
      Inflection of gebruikelijk
      uninflected gebruikelijk
      inflected gebruikelijke
      comparative gebruikelijker
      positive comparative superlative
      predicative/adverbial gebruikelijk gebruikelijker het gebruikelijkst
      het gebruikelijkste
      indefinite m./f. sing. gebruikelijke gebruikelijkere gebruikelijkste
      n. sing. gebruikelijk gebruikelijker gebruikelijkste
      plural gebruikelijke gebruikelijkere gebruikelijkste
      definite gebruikelijke gebruikelijkere gebruikelijkste
      partitive gebruikelijks gebruikelijkers

Voorbeeldzinnen met " gebruikelijk "