bangelijk in woordenboek Nederlands bangelijk Betekenissen en definities van "bangelijk" meer Grammatica en verbuiging van bangelijk (Adjective) Declension of bangelijk positive comparative superlative attributive predicative/adverbial predicative/adverbial bangelijk bangelijker neutersingular indefinite bangelijk bangelijker definite bangelijke bangelijkere bangelijkste het bangelijkst(e) common singular bangelijke bangelijkere bangelijkste de bangelijkste plural bangelijke bangelijkere bangelijkste de bangelijkste partitive bangelijks bangelijkers bangelijk ( comparative bangelijker, superlative bangelijkst) bangelijk (comparative bangelijker, superlative bangelijkst) ;; Inflection of bangelijk uninflected bangelijk inflected bangelijke comparative bangelijker positive comparative superlative predicative/adverbial bangelijk bangelijker het bangelijksthet bangelijkste indefinite m./f. sing. bangelijke bangelijkere bangelijkste n. sing. bangelijk bangelijker bangelijkste plural bangelijke bangelijkere bangelijkste definite bangelijke bangelijkere bangelijkste partitive bangelijks bangelijkers — meer Voorbeeldzinnen met " bangelijk " Verbuiging Verbuig Probeer opnieuw Beschikbare vertalingen Catalaans Chinees Deens Duits Engels Fins Frans Georgisch Hongaars IJslands Indonesisch Italiaans Japans Latijn Lets Luxemburgs Malagassisch Oudengels Portugees Roemeens Russisch Schots Servokroatisch Siciliaans Spaans Tsjechisch Auteurs