Vertaling van "eiendom" naar Nederlands

eigendom, bezit, goed zijn de beste vertalingen van "eiendom" in Nederlands.

eiendom
+ Toevoegen

Noors - Bokmål - Nederlands woordenboek

  • eigendom

    noun neuter

    al dat wat zich in het bezit van een of meerdere personen bevindt

    Gud har også befalt oss at vi ikke skal frarøve andre deres eiendom ved tyveri eller bedrageri.

    God heeft ons ook verboden dat we mensen door diefstal en oplichting hun eigendommen ontnemen.

  • bezit

    noun neuter

    Så kan han vende tilbake til eiendommen sin.

    Het resterende bedrag moet hij teruggeven aan de koper, en dan kan hij terugkeren naar zijn bezit.

  • goed

    noun neuter

    Deb lagde en mappe over alle eiendommene hans.

    Deb heeft een lijst van z'n onroerend goed.

  • Minder frequente vertalingen

    • bezitting
    • ejgendom
    • landgoed
    • vastgoedsector
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "eiendom" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate

Zinnen vergelijkbaar met "eiendom" met vertalingen in Nederlands

Toevoegen

Vertalingen van "eiendom" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen