Vertaling van "weekend" naar Nederlands
weekend, weekeinde zijn de beste vertalingen van "weekend" in Nederlands.
weekend
noun
masculine
grammatica
Il riposo dal lavoro settimana, generalmente associato con il giorno di culto religioso.
-
weekend
noun neuterIl riposo dal lavoro settimana, generalmente associato con il giorno di culto religioso. [..]
Non sono andato a pesca con Tom lo scorso weekend.
Ik ben vorig weekend niet met Tom wezen vissen.
-
weekeinde
noun neuterIl riposo dal lavoro settimana, generalmente associato con il giorno di culto religioso.
A breve ci faremo un bel weekend da sole, va bene?
We plannen gauw een weekeinde. Wij samen, oké?
-
Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen
Automatische vertalingen van "weekend" in Nederlands
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Zinnen vergelijkbaar met "weekend" met vertalingen in Nederlands
-
A Weekend In The City
Voorbeeld toevoegen
Toevoegen