Vertaling van "hogar" naar Nederlands

thuis, haard, huis zijn de beste vertalingen van "hogar" in Nederlands.

hogar noun masculine grammatica

hogar (de la lumbre) [..]

+ Toevoegen

Spaans - Nederlands woordenboek

  • thuis

    noun neuter

    een plek waar iemand woont en zich veilig voelt [..]

    No hay lugar como el hogar.

    Zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens.

  • haard

    noun masculine

    El living tiene un hogar.

    De woonkamer heeft een open haard.

  • huis

    noun masculine

    En ausencia de amor no es el hogar sinó un cuerpo sin alma.

    Zonder liefde is een huis niet meer dan een lichaam zonder ziel.

  • Minder frequente vertalingen

    • tehuis
    • heem
    • huishouden
    • schouw
    • open haard
    • home
    • honk
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "hogar" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Afbeeldingen met "hogar"

Zinnen vergelijkbaar met "hogar" met vertalingen in Nederlands

Toevoegen

Vertalingen van "hogar" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen