Vertaling van "absolver" naar Nederlands

vrijspreken, vergeven, absolveren zijn de beste vertalingen van "absolver" in Nederlands.

absolver verb grammatica

Perdonar o redimir (un pecado). [..]

+ Toevoegen

Spaans - Nederlands woordenboek

  • vrijspreken

    verb

    onschuldig verklaren [..]

    Claus von Bulow tuvo otro juicio y lo absolvieron de ambos cargos.

    Claus von Bulow kreeg een nieuw proces en werd vrijgesproken.

  • vergeven

    verb

    Vergiffenis schenken of kwijtschelden ( van zonde).

    Le podría haber absuelto y hubiera recuperado la cruz, una elección simple.

    Ik kon hem vergeven en het kruis terugkrijgen, een eenvoudige keuze.

  • absolveren

    Niet schuldig veklaren van criminele aanklachten. [..]

  • Minder frequente vertalingen

    • kwijtschelden
    • de absolutie geven
    • verlossen
    • ontheffen
    • afbetalen
    • vereffenen
    • verrekenen
    • vrijpleiten
    • dechargeren
    • rehabiliteren
    • releveren
    • ontslaan van een verplichting
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "absolver" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate
Toevoegen

Vertalingen van "absolver" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen