Vertaling van "vacation" naar Nederlands

vakantie, verlof, op vakantie gaan zijn de beste vertalingen van "vacation" in Nederlands.

vacation verb noun grammatica

(US) leisure time, at least a whole day but usually longer (typical are one to three weeks), away from work or duty and devoted to rest or pleasure. [..]

+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • vakantie

    noun verb neuter

    holiday, period of leisure time [..]

    Today is the last day of our vacation.

    Vandaag is de laatste dag van onze vakantie.

  • verlof

    noun neuter

    een periode waarin men toestemming krijgt om iets te doen, bijvoorbeeld vakantiedagen opnemen [..]

    As far as Quinn goes, he wasn't on vacation.

    In verband met Quinn, hij was niet met verlof.

  • op vakantie gaan

    to spend or take a vacation

    Lf you can go on vacation, you should go on vacation.

    Als je op vakantie kan gaan, moet je op vakantie gaan.

  • Minder frequente vertalingen

    • vakantiedag
    • achterlating
    • ontruiming
    • ontslag
    • afmonstering
    • congé
    • vrije dag
    • vrije tijd
    • slijten
    • verbrengen
    • verslijten
    • vrijlating
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "vacation" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Zinnen vergelijkbaar met "vacation" met vertalingen in Nederlands

Toevoegen

Vertalingen van "vacation" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen