Vertaling van "partner" naar Nederlands

partner, vennoot, lid zijn de beste vertalingen van "partner" in Nederlands.

partner verb noun grammatica

Someone who is associated with another in a common activity or interest. [..]

+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • partner

    noun

    iemand met wie men gehuwd of niet een relatie heeft [..]

    In politics there are no friends, only partners.

    In de politiek zijn er geen vrienden, alleen maar partners.

  • vennoot

    noun

    Iemand die geassocieerd is met een ander in algemene activiteiten of interesse.

    But also provisions that protect the firm from partners who don't behave in a professional manner.

    Maar ook middelen om het kantoor te beschermen van vennoten die niet professioneel zijn.

  • lid

    noun neuter

    Een persoon die meewerkt met anderen in sommige acticviteiten.

    All Quartet partners should be able to contribute.

    Alle leden van het kwartet moeten een bijdrage kunnen leveren.

  • Minder frequente vertalingen

    • maat
    • makker
    • associé
    • compagnon
    • deelgenoot
    • bondgenoot
    • medespeler
    • lotgenoot
    • gezel
    • aandeelhebber
    • gezellin
    • metgezel
    • tweetal
    • koppelen
    • tegenspeler
    • duo
    • span
    • stelletje
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "partner" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Vertalingen met alternatieve spelling

Partner
+ Toevoegen

"Partner" in Engels - Nederlands woordenboek

Momenteel hebben we geen vertalingen voor Partner in het woordenboek, misschien kun je er een toevoegen? Controleer automatische vertaling, vertaalgeheugen of indirecte vertalingen.

Afbeeldingen met "partner"

Zinnen vergelijkbaar met "partner" met vertalingen in Nederlands

Toevoegen

Vertalingen van "partner" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen