Vertaling van "owner" naar Nederlands

eigenaar, bezitter, eigenares zijn de beste vertalingen van "owner" in Nederlands.

owner noun grammatica

One who owns (something). [..]

+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • eigenaar

    noun masculine

    one who owns [..]

    The owner of this house is Mr. Yamada.

    De eigenaar van dit huis is de heer Yamada.

  • bezitter

    noun masculine

    one who owns [..]

    Even when a person becomes “the grand owner” of abundant riches, he remains unsatisfied.

    Zelfs wanneer iemand „de voortreffelijke bezitter” van overvloedige rijkdommen wordt, geeft dit hem geen voldoening.

  • eigenares

    noun neuter

    one who owns [..]

    We would have returned it, but the owner never wrote her name.

    We wilden het terugbrengen maar de eigenares schreef haar naam er niet in.

  • Minder frequente vertalingen

    • bezitster
    • baas
    • reder
    • baasje
    • houder
    • ondernemer
    • eigenaresse
    • directeur
    • drager
    • directrice
    • bouwster
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "owner" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Afbeeldingen met "owner"

Zinnen vergelijkbaar met "owner" met vertalingen in Nederlands

Toevoegen

Vertalingen van "owner" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen