Vertaling van "manner" naar Nederlands

manier, wijze, trant zijn de beste vertalingen van "manner" in Nederlands.

manner noun grammatica

Mode of action; way of performing or effecting anything; method; style; form; fashion. [..]

+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • manier

    noun feminine

    way of performing or effecting; method or style [..]

    It is bad manners to make a noise while you eat.

    Het getuigt van slechte manieren om geluiden te maken tijdens het eten.

  • wijze

    noun feminine

    way of performing or effecting; method or style [..]

    It denies that the aim of the provision could be achieved in a less restrictive manner.

    Het betwist dat het doel van deze bepaling op een minder bezwarende wijze kan worden bereikt.

  • trant

    noun

    In the same manner Sweden suggested that further capacity reduction is desirable for the purpose of achieving a balance between capacity and opportunities.

    In dezelfde trant heeft Zweden gesuggereerd dat verdere capaciteitsverlaging wenselijk is om tot een evenwicht tussen capaciteit en mogelijkheden te komen.

  • Minder frequente vertalingen

    • gedrag
    • houding
    • wijs
    • optreden
    • soort
    • gewoonte
    • gebruik
    • methode
    • pad
    • voorkomen
    • air
    • uiterlijk
    • aanwensel
    • gewenning
    • hebbelijkheid
    • usance
    • manieren
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "manner" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Vertalingen met alternatieve spelling

Manner
+ Toevoegen

"Manner" in Engels - Nederlands woordenboek

Momenteel hebben we geen vertalingen voor Manner in het woordenboek, misschien kun je er een toevoegen? Controleer automatische vertaling, vertaalgeheugen of indirecte vertalingen.

Zinnen vergelijkbaar met "manner" met vertalingen in Nederlands

  • beleefdheid · bestel · bestuur · bewind · fatsoen · gedrag · gewoonten · heerschappij · houding · leiding · manieren · omgangsvorm · omgangsvormen · onderhoud · regering · rondleiding · verpleging · verzorging
  • beleefd · beschaafd · galant · goedgemanierd · heus · hoffelijk · welgemanierd · wellevend
  • Maniërisme
  • onfatsoenlijk · ongemanierd
  • slechte manieren
  • maniertjes
  • geaffecteerd · gemaniëreerd
  • aanwensel · hebbelijkheid · maniërisme
Toevoegen

Vertalingen van "manner" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen