Vertaling van "live" naar Nederlands

leven, wonen, levend zijn de beste vertalingen van "live" in Nederlands.

live adjective verb adverb grammatica

(intransitive) To be alive; to have life. [..]

+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • leven

    verb neuter

    be alive [..]

    I wonder if I have any reason to live.

    Ik vraag mij af of ik een reden heb om te leven.

  • wonen

    verb

    have permanent residence [..]

    The people who lived in that country were not able speak out against their leaders.

    De mensen die in dat land woonden waren niet in staat om hun leiders tegen te spreken.

  • levend

    adjective

    having life [..]

    I wonder if I have any reason to live.

    Ik vraag mij af of ik een reden heb om te leven.

  • Minder frequente vertalingen

    • gevestigd zijn
    • resideren
    • huizen
    • rechtstreeks
    • scherp
    • live
    • overleven
    • voortbestaan
    • inwonen
    • bewonen
    • levende
    • verderleven
    • verblijven
    • bestaan
    • actueel
    • brandend
    • lewen
    • scherpe
    • echt
    • actief
    • krachtig
    • druk
    • beleven
    • in leven
    • direct
    • levendig
    • ervaren
    • uithouden
    • ondervinden
    • existeren
    • rondhangen
    • woon-
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "live" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Vertalingen met alternatieve spelling

Live
+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • Live

    Live (Golden Earring) [..]

    Hey, Live Scan got a hit on her prints.

    Hey, Live Scan heeft een hit op haar afdrukken

Zinnen vergelijkbaar met "live" met vertalingen in Nederlands

Toevoegen

Vertalingen van "live" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen