Vertaling van "it" naar Nederlands

het, hij, er zijn de beste vertalingen van "it" in Nederlands.

it adjective pronoun noun abbreviation grammatica

The third-person singular personal pronoun used to refer to an inanimate object, to an inanimate thing with no or unknown sex or gender. [..]

+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • het

    pronoun neuter

    subject — inanimate thing [..]

    Students often find it very difficult to understand a lecture in a foreign language.

    Studenten vinden het dikwijls heel moeilijk om een voordracht in een vreemde taal te begrijpen.

  • hij

    pronoun

    subject — inanimate thing

    As it is for one, so it is for me.

    Zoals de waard is, vertrouwt hij zijn gasten.

  • er

    pronoun

    object

    If you make a mess, clean it up.

    Als je er een boeltje van maakt, ruim het op.

  • Minder frequente vertalingen

    • eraan
    • daaraan
    • erheen
    • hem
    • ’t
    • haar
    • 't
    • cafel
    • zij
    • dat
    • d’r
    • daar ... aan
    • er ... aan
    • er ... heen
    • dit
    • ze
    • het op
    • ’m
    • die
    • 'm
    • tikkertje
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "it" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Vertalingen met alternatieve spelling

IT noun abbreviation

Initialism of [i]information technology[/i]. [..]

+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • ICT

    information technology [..]

    It is seen as a key factor in the renewed Lisbon partnership for growth and jobs.

    ICT is een belangrijke factor in het hernieuwde Lissabonpartnerschap voor groei en werkgelegenheid.

  • informatica

    noun

    To overcome these problems, increasing use of IT has already been mentioned.

    Om deze problemen op te lossen zou, zoals gezegd, meer gebruik kunnen worden gemaakt van informatica.

  • IT

    IT: Access for natural persons only, and economic needs test.

    IT: Alleen natuurlijke personen hebben toegang en onderzoek naar de economische behoefte.

  • informatietechnologie

    The systems, equipment, components and software required to ensure the retrieval, processing and storage of information in all centres of human activity (home, office, factory, etc.), the application of which generally requires the use of electronics or similar technology.

    The work of a lawyer-linguist involves the use of IT and other office tools.

    Bij de werkzaamheden wordt gebruik gemaakt van informatietechnologie en kantoorsoftware.

Zinnen vergelijkbaar met "it" met vertalingen in Nederlands

Toevoegen

Vertalingen van "it" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen