Vertaling van "insistent" naar Nederlands

dringend, emfatisch zijn de beste vertalingen van "insistent" in Nederlands.

insistent adjective grammatica

(obsolete) Standing or resting on something. [..]

+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • dringend

    adjective

    Why do you insist? I already said no!

    Waarom dring je aan? Ik heb reeds 'neen' gezegd!

  • emfatisch

    adjective adverb
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "insistent" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Zinnen vergelijkbaar met "insistent" met vertalingen in Nederlands

  • aandrang · volharding
  • aandringen · aandrukken · aanhouden · accelereren · benadrukken · bespoedigen · blijven bij · doordrammen · drammen · dringen · drukken · eisen · erop aandringen · erop staan · haasten · jachten · knellen · met klem beweren · opdringen · persen · pressen · tot haast aanzetten · urgent zijn · verhaasten · versnellen · volhouden · zeuren
  • aandringen op
  • aandringen · volhouden
  • aandringen · aandrukken · aanhouden · accelereren · benadrukken · bespoedigen · blijven bij · doordrammen · drammen · dringen · drukken · eisen · erop aandringen · erop staan · haasten · jachten · knellen · met klem beweren · opdringen · persen · pressen · tot haast aanzetten · urgent zijn · verhaasten · versnellen · volhouden · zeuren
  • aandringen · aandrukken · aanhouden · accelereren · benadrukken · bespoedigen · blijven bij · doordrammen · drammen · dringen · drukken · eisen · erop aandringen · erop staan · haasten · jachten · knellen · met klem beweren · opdringen · persen · pressen · tot haast aanzetten · urgent zijn · verhaasten · versnellen · volhouden · zeuren
  • aandrang · volharding
  • aandringen · aandrukken · aanhouden · accelereren · benadrukken · bespoedigen · blijven bij · doordrammen · drammen · dringen · drukken · eisen · erop aandringen · erop staan · haasten · jachten · knellen · met klem beweren · opdringen · persen · pressen · tot haast aanzetten · urgent zijn · verhaasten · versnellen · volhouden · zeuren
Toevoegen

Vertalingen van "insistent" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen