Vertaling van "host" naar Nederlands

gastheer, troep, hostie zijn de beste vertalingen van "host" in Nederlands.

host verb noun grammatica

A person who allows a guest, particularly into the host’s home. [..]

+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • gastheer

    noun masculine

    moderator [..]

    The host carved the turkey for the guests.

    De gastheer sneed de kalkoen aan voor de gasten.

  • troep

    noun masculine

    multitude of people arrayed as an army [..]

  • hostie

    noun masculine

    consecrated bread [..]

    And you may also host a second address anymore.

    En je mag ook geen tweede hostie meer pakken.

  • Minder frequente vertalingen

    • host
    • heerschaar
    • leger
    • hosten
    • gastvrouw
    • gastgever
    • herbergier
    • onderbrengen
    • ontvangen
    • waard
    • logementhouder
    • berg
    • modereren
    • drager
    • massa
    • organisator
    • heer
    • moderator
    • waardin
    • armee
    • gast
    • menigte
    • herbergen
    • legermacht
    • schare
    • hoop
    • boel
    • aandrang
    • beveiligen
    • vrijwaren
    • troepenmacht
    • beschutten
    • drom
    • introducé
    • logé
    • run
    • toeloop
    • behoeden
    • tas
    • stapel
    • beschermen
    • gastvrijheid verlenen aan
    • in veiligheid brengen
    • onder dak brengen
    • onderdak bieden
    • veilig stellen
    • landmacht
    • gastheer/gastvrouw
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "host" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Vertalingen met alternatieve spelling

Host noun

a technical name for the bread used in the service of Mass or Holy Communion

+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • menigte

    noun feminine

    Behold, he laid it, an host of men hath he brought in upon the face thereof.

    Zie, Hij heeft het gelegd, een menigte mensen heeft Hij op het oppervlak daarvan gezet.

  • leger

    noun neuter

    He and his hosts are relentless in their efforts to thwart our righteous desires.

    Hij en zijn leger blijven proberen om onze rechtschapen verlangens te dwarsbomen.

  • waard

    noun masculine

    The initial carrying amount of the host instrument is the residual amount after separating the embedded derivative.

    De eerste boekwaarde van het basisinstrument is gelijk aan de waarde die na afscheiding van het in het contract besloten derivaat resteert.

  • hostie

    noun masculine

    Have them prepare the Host for Lorenzo, and his wife, and all his daughters.

    Laat ze de hostie bereiden voor Lorenzo, en zijn vrouw, en al zijn dochters.

Zinnen vergelijkbaar met "host" met vertalingen in Nederlands

Toevoegen

Vertalingen van "host" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen