Vertaling van "confidence" naar Nederlands
vertrouwen, geloof, fiducie zijn de beste vertalingen van "confidence" in Nederlands.
confidence
noun
grammatica
Self-assurance. [..]
-
vertrouwen
noun neuterTom has an unwavering confidence in his children.
Tom koestert een onwrikbaar vertrouwen in zijn kinderen.
-
geloof
noun neuterWhat Europe today most lacks, is confidence in its own destiny.
Wat Europa vandaag het meeste mist, is geloof in zijn eigen bestemming.
-
fiducie
Many operators have little confidence in the price formation mechanism.
Veel partijen hebben weinig fiducie in het prijsvormingsmechanisme.
-
Minder frequente vertalingen
- vertrouwelijkheid
- confidentie
- argeloosheid
- naïveteit
- vertrouwelijke mededeling
- zekerheid
- vrijmoedigheid
- veiligheid
- zelfvertrouwen
- geheim
-
Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen
Automatische vertalingen van "confidence" in Nederlands
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Afbeeldingen met "confidence"
Zinnen vergelijkbaar met "confidence" met vertalingen in Nederlands
-
In Strict Confidence
-
geloven · ontboezemen · toevertrouwen · vertrouwen · vertrouwen hebben in
-
overtuigd · vertrouweling · vol vertrouwen · zeker · zelfbewust · zelfverzekerd
-
vertrouweling · vertrouwelinge · vertrouwenspersoon
-
vertrouwen opbouwen
-
motie van wantrouwen
-
oplichting
-
spamwaarschijnlijkheidswaarde
Voorbeeld toevoegen
Toevoegen