Vertaling van "bunch" naar Nederlands

bos, tros, bundel zijn de beste vertalingen van "bunch" in Nederlands.

bunch verb noun grammatica

(transitive) To gather into a bunch. [..]

+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • bos

    noun masculine

    a group of a number of similar things [..]

    Tom came into the room, carrying a bunch of flowers.

    Tom kwam de kamer binnen met een bos bloemen.

  • tros

    noun masculine

    a group of a number of similar things [..]

    We can take four or six bunches of bananas.

    We kunnen vier tot zes van die grote trossen bananen meenemen.

  • bundel

    noun neuter

    A request from this month for a bunch of fake passports.

    Een verzoek voor deze maand voor een bundel valse paspoorten.

  • Minder frequente vertalingen

    • groep
    • wis
    • stel
    • team
    • bundelen
    • detachement
    • groepering
    • afdeling
    • rits
    • bosje
    • troep
    • ris
    • rist
    • cluster
    • massa
    • sleutelbos
    • menigte
    • uitzet
    • staartje
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "bunch" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Afbeeldingen met "bunch"

Zinnen vergelijkbaar met "bunch" met vertalingen in Nederlands

Toevoegen

Vertalingen van "bunch" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen