Vertaling van "appraiser" naar Nederlands
taxateur, zetter, schatter zijn de beste vertalingen van "appraiser" in Nederlands.
appraiser
noun
grammatica
One who performs appraisals. [..]
-
taxateur
noun masculineone who appraises [..]
I assumed it went to the tax appraiser.
Ik dacht dat ie bij de taxateur was.
-
zetter
-
schatter
Iemand die officieel de waarde van of de kwaliteit van dingen schat.
Did you get an appraiser?
Heb je een schatter laten komen?
-
waardebepaler
Iemand die officieel de waarde van of de kwaliteit van dingen schat.
-
Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen
Automatische vertalingen van "appraiser" in Nederlands
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Zinnen vergelijkbaar met "appraiser" met vertalingen in Nederlands
-
inschatting van hulpbronnen · inschatting van natuurlijke hulpbronnen
-
begroten · schatten · taxeren · waarderen
-
Functioneringsgesprek · functioneringsgesprek · prestatiebeoordeling
-
beoordeling · evaluatie · expertise · functioneringsgesprek · inschatting · raming · schatting · taxatie · waardering
-
schatting · taxatie
-
achten · achting hebben voor · achting toedragen · appreciëren · begroten · evalueren · hechten aan · hoogachten · houden van · mogen · quoteren · ramen · schatten · taxeren · waarderen
-
beoordeling · evaluatie · expertise · functioneringsgesprek · inschatting · raming · schatting · taxatie · waardering
-
beoordeling · evaluatie · expertise · functioneringsgesprek · inschatting · raming · schatting · taxatie · waardering
Voorbeeld toevoegen
Toevoegen