Vertaling van "accurately" naar Nederlands

trefzeker, nauwkeurig, juist zijn de beste vertalingen van "accurately" in Nederlands.

accurately adverb grammatica

In an accurate manner; exactly; precisely; without error or defect. [..]

+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • trefzeker

    adverb

    exactly, precisely

  • nauwkeurig

    adverb

    Our goal was to build an accurate model of a person, not to misrepresent them.

    Wij wilden een nauwkeurig model van een persoon opbouwen, niet ze fout voorstellen.

  • juist

    adverb

    He always told me to give you accurate information.

    Hij zei dat ik u de juiste informatie moest geven.

  • Minder frequente vertalingen

    • accuraat
    • precies
    • exact
    • nauwgezet
    • zuiver
    • scherp
    • zojuist
    • vlak
    • net
    • correct
    • terecht
    • eigenlijk
    • behoorlijk
    • eerlijk
    • passend
    • daarnet
    • louter
    • straks
    • daarstraks
    • gevoeglijk
    • redelijkerwijze
    • zonet
    • pal
    • stipt
    • netjes
    • fatsoenlijk
    • puur
    • pas
    • naar behoren
    • op de juiste wijze
    • op geschikte wijze
    • zo-even
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "accurately" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Zinnen vergelijkbaar met "accurately" met vertalingen in Nederlands

  • accuraat · angstvallig · billijk · correct · exact · fair · gelijkmatig · geregeld · getrouw · goed · juist · minutieus · nauwgezet · nauwkeurig · precies · prompt · punctueel · recht · rechtvaardig · regelmatig · scherp · scrupuleus · secuur · steevast · stipt · trefzeker · trouw · waar · zorgvuldig
  • accuraat · angstvallig · billijk · correct · exact · fair · gelijkmatig · geregeld · getrouw · goed · juist · minutieus · nauwgezet · nauwkeurig · precies · prompt · punctueel · recht · rechtvaardig · regelmatig · scherp · scrupuleus · secuur · steevast · stipt · trefzeker · trouw · waar · zorgvuldig
  • accuraat · angstvallig · billijk · correct · exact · fair · gelijkmatig · geregeld · getrouw · goed · juist · minutieus · nauwgezet · nauwkeurig · precies · prompt · punctueel · recht · rechtvaardig · regelmatig · scherp · scrupuleus · secuur · steevast · stipt · trefzeker · trouw · waar · zorgvuldig
Toevoegen

Vertalingen van "accurately" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen