Vertaling van "accreditation" naar Nederlands

accreditatie, Accreditatie, erkenning zijn de beste vertalingen van "accreditation" in Nederlands.

accreditation noun grammatica

The giving of credentials. [..]

+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • accreditatie

    We are harmonising the rules for the accreditation of bodies and mutual recognition of certification.

    De regels voor de accreditatie van instanties en de wederzijdse erkenning van certificatie worden geharmoniseerd.

  • Accreditatie

    doorverwijspagina

    We are harmonising the rules for the accreditation of bodies and mutual recognition of certification.

    De regels voor de accreditatie van instanties en de wederzijdse erkenning van certificatie worden geharmoniseerd.

  • erkenning

    noun feminine

    (in education) Recognition and approval of the academic standards of an educational institution by some external, impartial body of high public esteem.

    This opinion shall be addressed to the Commission, the national authorising officer, and the competent accrediting officer.

    Deze verklaring wordt gericht tot de Commissie, de nationale ordonnateur en de voor de erkenning bevoegde functionaris.

  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "accreditation" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Zinnen vergelijkbaar met "accreditation" met vertalingen in Nederlands

  • geautoriseerd
  • accrediteren · toekennen
  • aanbrengen · aandoen · aankleden · aannemen · aantrekken · accepteren · accrediteren · agnosceren · bekleden · bepleisteren · binnenlaten · collecteren · doorstaan · erkennen · geloven · genieten · goedvinden · het eens zijn · honoreren · houden voor · innen · inzamelen · kleden · krijgen · lijden · machtigen · menen · omkleden · ondergaan · ontvangen · oogsten · opbrengen · opleggen · overtrekken · pleisteren · plukken · rapen · staan · stukadoren · toedichten · toegeven · toekennen · toelaten · toeschrijven · toestemmen · toewijzen · toucheren · uitstaan · velen · verdragen · verzamelen · voor het gerecht dagen
  • aanbrengen · aandoen · aankleden · aannemen · aantrekken · accepteren · accrediteren · agnosceren · bekleden · bepleisteren · binnenlaten · collecteren · doorstaan · erkennen · geloven · genieten · goedvinden · het eens zijn · honoreren · houden voor · innen · inzamelen · kleden · krijgen · lijden · machtigen · menen · omkleden · ondergaan · ontvangen · oogsten · opbrengen · opleggen · overtrekken · pleisteren · plukken · rapen · staan · stukadoren · toedichten · toegeven · toekennen · toelaten · toeschrijven · toestemmen · toewijzen · toucheren · uitstaan · velen · verdragen · verzamelen · voor het gerecht dagen
Toevoegen

Vertalingen van "accreditation" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen