Vertaling van "abbreviator" naar Nederlands

afkorter, Abbreviator zijn de beste vertalingen van "abbreviator" in Nederlands.

abbreviator noun grammatica

Agent noun of abbreviate; one who abbreviates or shortens. [..]

+ Toevoegen

Engels - Nederlands woordenboek

  • afkorter

    masculine

    one who abbreviates

  • Abbreviator

    writer in the papal chancery, was involved in the planning of the pope's bulls, briefs, and consistorial decrees

  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "abbreviator" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Zinnen vergelijkbaar met "abbreviator" met vertalingen in Nederlands

  • afgekort · ingekort · verkort
  • afgekorte vorm
  • woordenboek van afkortingen
  • afkorten · inkorten · korten
  • abbreviatie · abbreviatuur · afkorting · bekorting · herleiding · inkorting · verkorting
  • afkorten · bekorten · excerperen · herleiden · inkorten · inkrimpen · korten · resumeren · samenvatten · verkorten · verminderen · versimpelen
  • abbreviatie · abbreviatuur · afkorting · bekorting · herleiding · inkorting · verkorting
  • abbreviatie · abbreviatuur · afkorting · bekorting · herleiding · inkorting · verkorting
Toevoegen

Vertalingen van "abbreviator" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen