Vertaling van "anfangen" naar Nederlands
beginnen, aanvangen, starten zijn de beste vertalingen van "anfangen" in Nederlands.
an etwas gehen (umgangssprachlich) [..]
-
beginnen
verbaanvangen [..]
Wenn ich erst mal mit Putzen anfange, kann ich nicht mehr aufhören.
Als ik begin met schoonmaken, kan ik mezelf niet meer tegenhouden.
-
aanvangen
verbbeginnen, starten [..]
Und sobald die Untersuchung anfing, konnte ihn niemand mehr finden.
Toen het onderzoek eenmaal aanving kon niemand hem vinden.
-
starten
verbEen activiteit starten. [..]
Tom hat erst angefangen Französisch zu lernen, als er dreißig war.
Tom startte pas op zijn dertigste met een studie Frans.
-
Minder frequente vertalingen
- aanbinden
- aanbreken
- ingaan
- de eerste stap zetten
- de spits afbijten
- een aanvang nemen
- begin
- aanpakken
- aanspreken
- aanzetten
- ondernemen
- vasthaken
- aangaan
- aanhalen
- doen
- entameren
- gaan
- ontstaan
- slaan
- uitrichten
- aanlanden
- enteren
- aanklampen
- aanhaken
- toespreken
- aansnijden
- aankaarten
- activeren
- toetreden
- landen
- aan komen lopen
- aan land gaan
- aan wal komen
- aanzetten tot
- beginnen met
- stoten op
- van start gaan
- zich stoten aan
- aanvang
-
Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen
Automatische vertalingen van "anfangen" in Nederlands
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Vertalingen met alternatieve spelling
"Anfangen" in Duits - Nederlands woordenboek
Momenteel hebben we geen vertalingen voor Anfangen in het woordenboek, misschien kun je er een toevoegen? Controleer automatische vertaling, vertaalgeheugen of indirecte vertalingen.
Zinnen vergelijkbaar met "anfangen" met vertalingen in Nederlands
-
ruzie maken
-
begonnen zijn
-
te beginnen met ...
-
klein beginnen
-
beginnend
-
van voren af aan beginnen