Vertaling van "abzahlen" naar Nederlands

betalen, storten, dokken zijn de beste vertalingen van "abzahlen" in Nederlands.

abzahlen

abstottern (umgangssprachlich)

+ Toevoegen

Duits - Nederlands woordenboek

  • betalen

    verb

    Ich wäre nicht mehr da, um es abzuzahlen.

    Ik zou er niet meer zijn om het af te betalen.

  • storten

    verb noun
  • dokken

    noun
  • Minder frequente vertalingen

    • uitbetalen
    • voldoen
    • terugbetalen
    • uitkeren
    • aflossen
    • afbetalen
    • vervullen
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "abzahlen" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Zinnen vergelijkbaar met "abzahlen" met vertalingen in Nederlands

Toevoegen

Vertalingen van "abzahlen" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen