Vertaling van "abgrenzen" naar Nederlands

scheiden, begrenzen, grenzen zijn de beste vertalingen van "abgrenzen" in Nederlands.

abgrenzen verb grammatica

nichts zu tun haben wollen (mit) (umgangssprachlich)

+ Toevoegen

Duits - Nederlands woordenboek

  • scheiden

    verb

    Zu diesem Zweck müssen beide Fallkonstellationen streng voneinander abgegrenzt werden.

    Te dien einde moeten beide casusposities strikt van elkaar worden gescheiden.

  • begrenzen

    verb

    Im Osten wird das Gebiet durch die Fernverkehrsstraße A11 abgegrenzt.

    Ten oosten is het gebied begrensd door de autoweg A11.

  • grenzen

    verb

    Landseitige und luftseitige Bereiche auf Flughäfen sind voneinander abzugrenzen.

    Er worden grenzen tussen zones aan de luchtzijde en zones aan de landzijde vastgesteld.

  • Minder frequente vertalingen

    • beperken
    • veroorzaken
    • teweegbrengen
    • belezen
    • determineren
    • overhalen
    • aanrichten
    • stichten
    • aandoen
    • bewegen
    • doen besluiten
    • nauwkeurig bepalen
    • afbakenen
    • definiëren
    • omlijnen
    • afgrenzen
    • afschermen
    • verwijderen
    • beteugelen
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "abgrenzen" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Vertalingen met alternatieve spelling

Abgrenzen Noun grammatica
+ Toevoegen

"Abgrenzen" in Duits - Nederlands woordenboek

Momenteel hebben we geen vertalingen voor Abgrenzen in het woordenboek, misschien kun je er een toevoegen? Controleer automatische vertaling, vertaalgeheugen of indirecte vertalingen.

Toevoegen

Vertalingen van "abgrenzen" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen