Vertaling van "Pastor" naar Nederlands

pastor, pastoor, dominee zijn de beste vertalingen van "Pastor" in Nederlands.

Pastor noun masculine grammatica

Pfaffe (umgangssprachlich) [..]

+ Toevoegen

Duits - Nederlands woordenboek

  • pastor

    Geistlicher in christlichen Kirchengemeinden

    Sie sind nicht hier, weil Sie mich schützen wollen, Pastor.

    U bent niet hier omdat u mij wilt beschermen, pastor.

  • pastoor

    noun masculine

    Der Vorsteher einer christlichen Gemeinde.

    Okay, ich rufe den Pastor, wenn ich fertig bin.

    Oké, ik bel de pastoor als ik er klaar voor ben.

  • dominee

    noun masculine

    Der Pastor, dem du hinterher läufst, der ist nicht viel wert.

    Die dominee waar jij achteraan zit, is niet veel soeps.

  • Minder frequente vertalingen

    • geestelijke
    • priester
    • predikant
    • zielszorger
    • zielverzorger
    • voorganger
    • abbé
    • abt
    • weleerwaarde
    • herder
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "Pastor" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate
Toevoegen

Vertalingen van "Pastor" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen