Vertaling van "Meister" naar Nederlands
meester, kampioen, grootmeester zijn de beste vertalingen van "Meister" in Nederlands.
vom Fach (sein) [..]
-
meester
noun masculineDiese Kunstsammlung beherbergt viele Werke der holländischen Meister.
Deze kunstcollectie is rijk aan schilderijen van Nederlandse meesters.
-
kampioen
noun masculineIemand die gewonnen heeft in een wedstrijd. [..]
Und wovon träumt einer, der kein Meister mehr ist?
En wat droomt iemand die geen kampioen meer is?
-
grootmeester
nounVom fünften Lebensjahr an wurde ich von einem Meister unterrichtet.
Vanaf m'n 5de had ik les van'n grootmeester.
-
Minder frequente vertalingen
- baas
- maëstro
- heer
- leraar
- meneer
- groot vakman
- patroon
- expert
- deskundige
- opzichter
- titelhouder
- voorvechter
-
Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen
Automatische vertalingen van "Meister" in Nederlands
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Vertalingen met alternatieve spelling
"meister" in Duits - Nederlands woordenboek
Momenteel hebben we geen vertalingen voor meister in het woordenboek, misschien kun je er een toevoegen? Controleer automatische vertaling, vertaalgeheugen of indirecte vertalingen.
Zinnen vergelijkbaar met "Meister" met vertalingen in Nederlands
-
de haas
-
Meester Eckhart
-
afbreken · afhakken · afhouwen · afkappen · afleggen · aflopen · afslachten · bedaren · beheersen · bevangen · de moed ontnemen · delven · deprimeren · doden · doodmaken · doodschieten · doorgaan · fnuiken · fusilleren · gaan door · geruststellen · kalmeren · kappen · kleinmaken · neerdrukken · neerhalen · neerkomen · neerslachtig maken · neervellen · ombrengen · omhakken · omkappen · onder de knie krijgen · ontmoedigen · opduikelen · opgraven · overgaan · oversteken · overtreffen · overwinnen · putten uit · rooien · slachten · slopen · te boven gaan · terneerdrukken · uitblinken · uitgraven · uitmunten · uitputten · vellen · vernederen · verootmoedigen · verslaan · verzwakken · voorbijstreven · winnen · wippen · zegevieren
-
master of archduchess
-
oude meester
-
meeste
-
allemachtig · extreem · het meest · hoogst · in hoge mate · meest · meeste · uitermate · uiterst