Vertaling van "wees" naar Nederlands

zijn, wezen, voor zijn de beste vertalingen van "wees" in Nederlands.

wees verb grammatica
+ Toevoegen

Afrikaans - Nederlands woordenboek

  • zijn

    verb masculine

    Tom gaan nie volgende maand hier wees nie.

    Tom zal de volgende maand niet hier zijn.

  • wezen

    verb neuter

    Wees hoflik teenoor jou ouers.

    Wees beleefd tegen je ouders.

  • voor

    adposition

    Waarvoor moet ons versigtig wees wanneer ons tekste verduidelik?

    Waar moeten we voor oppassen als we Schriftplaatsen uitleggen?

  • Minder frequente vertalingen

    • verantwoordelijk
    • aansprakelijk
  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "wees" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Zinnen vergelijkbaar met "wees" met vertalingen in Nederlands

  • in overvloed aanwezig zijn · regenen · wemelen
  • in overvloed aanwezig zijn · regenen · wemelen
  • weer
  • beminnen · hechten aan · houden van · liefhebben · mogen · waarderen
  • daar zij licht
  • absent zijn · afwezig zijn · mankeren · misgrijpen · mislopen · missen · schelen
  • alweer · nogmaals · opnieuw · weder · wederom · weer
  • bejammeren · berouw hebben van · betreuren · bewenen · het jammer vinden van · ontzien · sparen · spijt hebben van
Toevoegen

Vertalingen van "wees" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen