Vertaling van "uitvaardig" naar Nederlands

uitvaardigen is de vertaling van "uitvaardig" in Nederlands.

uitvaardig
+ Toevoegen

Afrikaans - Nederlands woordenboek

  • uitvaardigen

    verb

    Wanneer die Soewereine Heer Jehovah ’n verordening uitvaardig, moet daar aan hom gehoor gegee word.

    De Soevereine Heer Jehovah moet gehoorzaamd worden als hij een verordening uitvaardigt.

  • Toon algoritmisch gegenereerde vertalingen

Automatische vertalingen van "uitvaardig" in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Zinnen vergelijkbaar met "uitvaardig" met vertalingen in Nederlands

  • vaardig
  • afvaardigen
  • aanleggen · aanmaken · ageren · bedrijven · bezig zijn · bouwen · construeren · doen · effect sorteren · fabriceren · fitten · handelen · installeren · laten · laten doen · leggen · maken · opereren · optreden · plaatsen · poseren · situeren · stationeren · steken · stellen · stoppen · te werk gaan · uitbrengen · uitrichten · uitvoeren · uitwerken · uitwerking hebben · vervaardigen · werken · zetten · zitten
  • bekwaamheid · vaardigheid
Toevoegen

Vertalingen van "uitvaardig" naar Nederlands in context, vertaalgeheugen